Ode aan de maan

DE MAAN

De maan wordt uit de avondzon geboren,
terwijl hij groeit, krijgt hij zijn licht van haar,
toch groeit hij van haar weg,
zijn onbelichte kant na:
zijn levenswil, die allengs wordt belicht.

Als hij dan vol raakt, wordt het ineens anders.
Dan wordt hij door de ochtendzon geraakt,
naar wie hij van begin af aan op weg was,
eerst duister, achteromziend, en onwetend,
nu vol belicht, totaal in hier en nu.

Naarmate hij dan afneemt, wordt hij smaller,
komt later op, en wordt de ochtend maan.
Zo raakt zijn taak allengs volbracht.

En vol verlangen glanzend
gaat hij als sikkel,
voldaan op
in de ochtendzon.

Tot hij, vol nieuwe moed, ragfijn belicht,
de avondzon verlaat, zijn moeder, het verleden,
om weken later,
wijzer dan voorheen
te sterven in zijn vader: ochtendzon.

26 – 11 – 2017

One thought on “Ode aan de maan

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *